2de graad domein STEM

In de tweede (en derde) graad kies je voor een studierichting binnen een bepaald domein. De verschillende domeinen liggen in het verlengde van de basisopties waarvoor je in het tweede jaar van de eerste graad kon kiezen. De domeinen op onze school zijn ‘Economie en organisatie’, ‘Taal en cultuur’, ‘Wetenschappen’ en ‘Maatschappij en organisatie’.

  • Kies je binnen het domein STEM voor Wetenschappen, dan word je voorbereid op verder studeren in het hoger onderwijs. Deze studierichting biedt je met bio, chemie en fysica een flink pakket wetenschappen.
  • Bovendien leer je het wetenschappelijk denkproces aan: je gaat zelf aan de slag in practica en ondervindt dat nauwkeurigheid zeer belangrijk is bij de experimenten én bij het maken een verslag.
  • Ook zelfstandig informatiebronnen raadplegen en kritisch omgaan met deze verworven informatie horen daarbij. Zo leer je ook verbanden zoeken tussen behandelde leerstof en actualiteit.
  • In deze richting krijg je 5u. wiskunde, maar ook de studie van moderne talen blijft belangrijk. De aandacht gaat naar het ontwikkelen van de communicatieve vaardigheid (luisteren, lezen, spreken en schrijven), de reflectie op taal (taalbeschouwing) en de kennismaking met anderstalige literatuur.
  • Naast de ‘klassiekere’ lessen kies je ook voor een aantal projecten waarin je de kans krijgt die vaardigheden en talenten te ontplooien die in de gewone lessen niet aan bod komen. Klik hier voor een overzicht van deze projecten.
  • Binnen het domein STEM kan je ook kiezen voor Techniek-wetenschappen. Dit is een theoretische studierichting, waarin de nadruk ligt op de studie van de wetenschappen (bio, fysica en chemie) en op het onderzoek in het laboratorium, waar de theorie getoetst wordt aan de werkelijkheid. Na Techniek-Wetenschappen kan je ook verder studeren in het hoger onderwijs.
  • Wiskunde is een erg belangrijke component. In vergelijking met Wetenschappen worden hier meer de toepassingen van de wiskunde in de wetenschappen beklemtoond. Voor deze richting moet je dus over voldoende basis beschikken voor wiskunde en wetenschappen.
  • Ook taalvakken staan op het programma, maar deze bereiden eerder voor op de praktische communicatie en op de lectuur van vakliteratuur en handleidingen.